Bedrijfsnieuws

https://onzehaven.nl/

Editie +8 april 2019

 
 

Ilonka en Denise in ONZE HAVEN

Het enige echte on- en offline havenmagazine! Over onze haven … Voor duurzaam behoud van talent voor haven en industrie.

Ilonka Poldervaart (29) en Denise Prins (35) werden vier jaar geleden verrast met een belangrijke vraag van hun vaders: willen jullie ons bedrijf voortzetten? Henk Bothoff en René Prins waren op dat moment al vijftien jaar zakenpartners en eigenaren van Hard(t)@work, een uitzend- en detacheringsbureau voor de haven. “Daar moesten wij best wel even over nadenken”, bekent Poldervaart.


Prins en Poldervaart kenden elkaar nog niet heel goed;
beiden waren immers niet bij het bedrijf betrokken. Poldervaart: “We zagen elkaar maar heel af en toe. Na de vraag van onze vaders zijn we uit eten gegaan en hebben
we een avond lang gepraat en het voorstel besproken. Tot onze verbazing merkten we direct dat we op één lijn zaten en dezelfde ambities hadden.” Prins vertelt dat de beslissing dezelfde avond nog werd genomen. “We keken elkaar aan en zeiden tegen elkaar: we gaan het gewoon doen. Er was namelijk direct het vertrouwen dat de samenwerking succesvol zou zijn.”

Verbeteren

De vaders dragen de dagelijkse leiding steeds meer over aan Poldervaart en Prins. Zij voelen zich verantwoordelijk om het bedrijf voort te zetten en te verbeteren. Hard(t)@work heeft een stabiel team medewerkers dat zij uitzenden en detacheren – sommigen al meer dan twaalf jaar. Eerste prioriteit was om deze groep te behouden: “Wij willen een
grote samenwerkingspartner van havenbedrijven worden”, legt Prins uit. “Daarvoor hebben wij de kennis en kwaliteiten van onze huidige medewerkers hard nodig. In de haven is de uitstroom van personeel op dit moment namelijk
hoger dan de instroom. Zelfs via scholingskanalen los je dit verschil niet op. Daarom hebben wij ervoor gekozen om ook met gemotiveerde medewerkers buiten de haven te
werken. Zij worden op hun eigen tempo door onze ervaren medewerkers opgeleid. Zij kennen de werkomstandigheden namelijk het beste.”

De nieuwe manier van werken vraagt flexibiliteit, zowel
van medewerkers als van klanten. Om de kwaliteit te waarborgen hebben Poldervaart en Prins contact met de medewerkers en klanten. Poldervaart detacheert zichzelf ook als operationeel manager en is vaak in de haven te
vinden. Daar kan zij de werkomstandigheden met eigen
ogen zien. Op meer dan tien locaties worden verschillende
functies uitgevoerd. Het gaat vaak om fysiek zwaar werk. Denk aan heftruckchauffeurs, kraanmachinisten, stuwadoors en riggers.

Met eigen ogen

“Onze aanwezigheid in de haven is erg belangrijk”, stelt Poldervaart. “Het werk in de haven is op momenten risicovol. Veiligheid is dus een erg belangrijk aspect. Wij willen dan ook met eigen ogen zien dat de werkomstandigheden veilig zijn. Ik vraag onze medewerkers wat er goed gaat, welke werkzaamheden zij leuk vinden en of wij bij bepaalde zaken kunnen helpen.” Deze aanpak vraagt veel begeleiding, maar levert ook veel op: “Door de persoonlijke betrokkenheid worden mensen aangemoedigd om open met ons te communiceren. Dat geldt ook voor onze klanten.”

“Wij zijn heel trots op de kennis en kwaliteiten van de medewerkers van Hard(t)@work”, valt Prins haar partner bij. “Dat is dan ook de reden dat wij onze medewerkers
verantwoordelijk hebben gemaakt voor het opleiden van de nieuwe garde.” De introductie van deze aanpak ging niet zonder slag of
stoot: “Het opleiden vraagt veel tijd en geduld. Daarbij wil een deel van de groep nog niet aan vervanging denken, terwijl het zware werk op hoge leeftijd moeilijk vol te houden is. Wij hebben een aantal medewerkers echt moeten overtuigen dat hun inzet nodig was. De niet-lullen-maar-poetsen-mentaliteit is belangrijk, maar wij willen ook dat nieuw personeel goed voorbereid van start gaat.”

Botsingen

Poldervaart vertelt dat zij samen met Prins vastbesloten is Hard(t)@work naar een hoger niveau te tillen. “Deze vorm van opleiding is voor ons de basis voor groei. Medewerkers worden meer allround en de kwaliteit blijft hoog. Ze voelen zich ook vrij om mee te denken. Door al deze zaken krijgen zij ook steeds leukere klussen – dat is belangrijk, want er zijn namelijk nog steeds veel vooroordelen over werk in de haven. Er wordt vaak gedacht aan vies en simpel werk
terwijl er in de haven veel kennis en kwaliteit is. Het werk lijkt misschien makkelijk, maar om een lading staal te lossen moet je echt wel weten wat je doet. Als je dat goed kan, mag je daar dus ook heel
trots op zijn.”

Lef en ambitie brachten Poldervaart en Prins waar zij nu zijn. Hun samenwerking verloopt soepel en zij weten elkaar in de werkzaamheden goed aan te vullen. Prins: “We wilden de nalatenschap van onze vaders eren. Toch waren er zaken die anno 2019 echt anders moesten en onze ideeën leverden soms botsingen op. Sommige zaken werden nou eenmaal heel lang op dezelfde manier gedaan. Probeer
dat dan maar te veranderen.” Lachend: “Wij hebben onze
vaders moeten overtuigen van onze visie. Dat vergde geduld. Gelukkig krijgen wij ze uiteindelijk altijd mee.”

Plek verdienen

Poldervaart heeft in de door mannen gedomineerde haven
niet al te veel last van vooroordelen gehad, vertelt ze. “Je
moet uiteraard wel weten waar je het over hebt. In het begin werden wij getest. Als klanten merken dat je verstand van zaken hebt, vinden ze het eigenlijk wel fijn dat er meer
balans in de mannenwereld komt.” Ook ten opzichte van de eigen medewerkers hebben de dames zichzelf moeten bewijzen. “Mijn vader fungeerde ook als meewerkend voorman en was dus onderdeel van de groep”, zegt Poldervaart. “Wij hebben onze plek echt moeten verdienen. Wanneer wij iemand vroegen om over te werken, werd er net iets makkelijker ‘nee’ gezegd dan
wanneer mijn vader dat zo vragen. Nu iedereen aan de situatie gewend is, zijn wij allemaal enthousiast. Als ik terugkijk, had ik als tiener zeker voor de havenvakschool gekozen.
De haven is voor veel jongeren en vrouwen onbekend terrein. Dat is jammer. Het is een dynamische, diverse en daardoor aantrekkelijke werkomgeving. Werken in de haven is nooit saai. Je hebt te maken met verschillende en complexe ladingen, omslaand weer en ga zo maar door. De haven verandert elk uur.”

‘De niet-lullen-maarpoetsen-
mentaliteit is belangrijk, maar wij willen ook dat
nieuw personeel goed voorbereid van start gaat’

Prins zou het heel leuk vinden als er meer vrouwen in de haven kwamen werken. “We merken dat de mannen in de haven het ook toejuichen; een nieuwe beweging met nieuwe energie”, merkt ze op. Ook zij voelt zich helemaal op haar plek in de haven. “Er wordt heel hard gewerkt en ik ben heel trots op onze medewerkers, zonder hen
zouden wij dit niet kunnen doen. Wij willen een flexibele en betrouwbare samenwerkingspartner voor de haven zijn. Voor de flexibiliteit zijn wij afhankelijk van de loyaliteit van onze medewerkers. Hun inzet is immens waardevol voor ons bedrijf.”

In juni 2019 hebben wij meegewerkt aan het initiatief Havenrit dat is ingediend bij Citylab010. Wil je daar meer over lezen klik dan HIER

 

 

De Rotterdamse haven is de economische motor van de regio. De vraag naar personeel zal gezien de huidige uitstroom de komende jaren blijven groeien, met name in de transport en logistieke sector. De beroepsbevolking van Rotterdam blijft ook licht stijgen ten opzichte van het landelijke niveau.
Op dit moment zijn ruim 27000 mensen in de technische en logistieke beroepsklasse werkloos in de regio Rijnmond, terwijl er ruim 7000 vacatures in deze sector open staan. Daarom zet Hard(t)@Work zich in om een brug te slaan tussen de haven en werkzoekende. Vervoer betekent vaak niet alleen maar werk, het betekent ook vaak een positieve ontwikkeling in het privéleven van een werknemer.